In België geven meer dan de helft van alle baby’s tot 4 maanden dagelijks minstens één keer over, zonder daar echt ziek van te zijn. Toch krijgen 45% van alle baby’s tussen 0 en 6 maanden oud minstens één of meerdere soorten van medicatie tegen reflux, terwijl dit vaak niet alleen overbodig is, maar ook -soms niet zo onschuldige- nevenwerkingen met zich kan meebrengen.
Hoesten behoort tot één van de meest voorkomende gezondheidsklachten bij jonge kinderen. Baby’s, peuters en kleuters ervaren de klachten vooral in de winter. Hoesten heeft bij deze jonge kinderen bijna altijd iets te maken met een ontsteking van de bovenste luchtwegen (neus, keel of het bovenste deel van de bronchiën). Meestal is een virus de onderliggende oorzaak. Je kind hoest, en dat is vervelend. Daarom grijp je als ouder misschien snel naar hoestsiropen. Maar helpen deze siropen wel? En als ze niet helpen, geldt het principe “baat het niet, schaadt het niet”?
Wanneer spreekt men van koorts?Een normale lichaamstemperatuur ligt tussen de 35,8 en de 37,5° C. Dit kan verschillen van mens tot mens en is afhankelijk van meerdere factoren. Bij het leveren van een grote fysieke inspanning kan je lichaamstemperatuur stijgen. Voeding, omgevingstemperatuur, …, zijn ook factoren die van invloed kunnen zijn. ’s Ochtends is je lichaamstemperatuur het laagst. In de late namiddag is deze het hoogst.
Onderkoeling treedt op indien het lichaam niet in staat is de lichaamstemperatuur op peil te houden, wat ook de oorzaak hiervan is. De symptomen zijn veranderlijk naarmate de lichaamstemperatuur daalt. Geleidelijk aan worden de fysieke en mentale vermogens aangetast. De controle over de spieren valt weg, het denkvermogen functioneert niet meer normaal.
Doordat het kind op korte tijd, slechts enkele minuten, plots hoge koorts maakt, reageren de hersencellen kortstondig door een abnormale werking. Koortsstuipen duren meestal slechts minder dan vijf minuten. Ze zien er erg angstaanjagend uit maar zijn meestal niet gevaarlijk. Ook veroorzaken ze geen schade in de hersenen van het kind en brengen ze de ontwikkeling niet in gevaar. Enkel als het bewustzijnsverlies langer duurt dan vijf minuten, is er kans op achteruitgang van de verstandelijke vermogens of op verstikking. Dit is echter quasi nooit het geval.